De paalhoofden kust Noordwatering (18de eeuw)

Overzicht

Naam paalhoofd

Toelichting Info

 

   

Zuiderstrand

   

Staket op de Zuid-Klei-Nolle

Staket is houten paalwerk bestaande uit vijf tot zeven rijen; klei-nol duidt op een uitstekende verhoging vanaf de duinvoet gemaakt van klei.

 

Staket bezuiden Zoutelandeshoofd

   

Zoutelandse hoofd

Recht voor het dorp. Ter hoogte van dit hoofd was het wachthuis van de Landwacht.  

Staket bewesten Zoutelandeshoofd

   

Staket op de West-Klei-nolle

   

Meliskerkeshoofd

Ter hoogte van het landinwaarts gelegen Meliskerke.  

Berghoofdje

   

Westkapelleshoofd

Het eerste hoofd op het grondgebied van de gemeente Westkapelle. Op de kaart van de Hattinga's Westhoofd genoemd.  

Tullekenshoofd

Genoemd naar Daniël Tulleken, heer van Melis- en Mariekerke, gecommitteerde van de Brede Geërfde namens de Middelburg in de Zuidwatering (1748-1792).  

Thibautshoofd

In 1784 nog genoemd het Staket bewesten Tullekenshoofd, of zogenaamde Zwarte Gat. Het is onduidelijk naar welke persoon van dit Middelburgs geslacht dit hoofd is genoemd, mogelijk Willem Thibaut van Aagtekerke, burgemeester van Middelburg en grootgrondbezitter op Walcheren.

 

Griffiershoofd

De griffier was de hoogste ambtenaar van de Polder Walcheren. Hij was belast met de administratie.

 

Louissenshoofd

Genoemd naar Abraham Louissen, gecommitteerde van de Brede Geërfde namens de Vlissingen in de Westwatering (1776-1782).

 

Laurens Beles (Boelis) hoofd

In 1730 ontstond er een conflict tussen de Staten en Brede Geërfden van Walcheren en de XXIV-commissarissen over de aanleg van een nieuw hoofd aan de Lauw Beele bij Zoutelande. De discussie was of dit hoofd in de vloed- of de ebrichting moest worden aangelegd. De raadpensionaris van Zeeland moest in deze zaak bemiddelen; het werd de vloedrichting. Een half jaar na aanleg werd gerapporteerd dat het hoofd effectief was en dat men 'reeds buyten om conde wandelen, daar te voren 6 à 8 voeten water was geweest.' (bron: Zeeuws Archief, Oud Archief Waterschap Walcheren 1511-1870 inv.nr. 20)  

Statenhoofd

De Staten van Walcheren, bestaande uit de Eerste Edele, de steden Middelburg, Vlissingen en Veere vormden samen met twee, na 1657 acht, vertegenwoordigers van de grootgrondbezitters, de Brede Geërfden genoemd, het dagelijks bestuur van de Polder tot 1795.

 

Kien van Cittershoofd

Genoemd naar Willem Aarnoud Kien van Citters, Staat namens Middelburg (1781-1788), gecommitteerde van de Eerste Edele (1788-1794).

 

 

   

Westkappelse zeedijk

   

Du Bonshoofd

Genoemd naar Jacob du Bon, raadpensionaris van Zeeland van 1757 tot 1760 en gecommitteerde van de Brede Geërfde namens Middelburg in de Vijf Am­bachten van 1732 tot en met 1759.

 

Oud- en Nieuw Cassiershoofd

Waarschijnlijk een hoofd dat in de 16de eeuw reeds voor de dijk lag. De kassier van Walcheren was de functionaris belast met de boekhouding. Van 1689 tot 1762 was de functie gecombineerd met die van oppercommies (de hoogste technische ambtenaar).

 

Oostersch Stakethoofd op de Zuidkleinolle

   

Westersch Stakethoofd

   

Zuidwaartshoofd

Aanlegplaats voor de vletschippers, ten zuiden van Westkapelle.

 

Schermershoofd

   

Bolwerkshoofd

De Zuidstraat kwam recht op dit hoofd uit.  

Geldhoofd

Misschien heeft de aanleg van dit hoofd veel geld gekost?  

Zuidduikelaar

Een duikelaar of duikelhoofd is eigenlijk een andere benaming voor paalhoofd: een hoofd om het strand of voorland van dijken tegen afname te beschermen. (bron: Beekman, Dijk- en waterschapsrecht, deel I, pp. 562-563)  

Hooge hoofd

   

Wipstaertshoofd

in 1761 nog een staket. De herkomst van de naam is onduidelijk; wordt hiermee een vogel bedoeld, of duidt wip of wiepen op cylindervormige verbindingen van rijshout op krammatten samen te binden? (bron: Beekman, Dijk- en waterschapsrecht, deel II, p. 1790). In het Woordenboek der Zeeuwse Dialecten komt het werkwoord wipstaerten ook in het Westkappels dialect voor en betekent het 'op spelden, op hete kolen zitten'. (bron: Ghijsen, Woordenboek, p. 1148).
 

Lambrechtshoofd

Het is onduidelijk naar wie dit hoofd is vernoemd, waarschijnlijk iemand van het Walcherse geslacht Lambrechtsen  

Oude Korte hoofd

   

Noordduikelaar

Zie de verklaring bij Zuidduikelaar  

Pierminneshoofd

   

's Landshoofd

Het polderhuis te Westkapelle, op de kaart 'Directiehuis', werd het 's Landshuis genoemd. Hoewel het hoofd noordelijker lag, is het goed mogelijk dat met 'Land' de Polder Walcheren wordt bedoeld  

Keizershoofd

In 1784 heette dit hoofd nog Staket in 't Groote Gat of Middelste Keizershoofdje, terwijl Massol het op zijn kaart uit 1761 noemt: Staket in 't groot gat met de dry bermen van de dry Kaysershoofden. Het was gelegen op de plaats waar op 26 januari 1682 de dijk doorbrak. Mogelijk werd op deze plaats in 1540 het eerste staketwerk in tegenwoordigheid van keizer Karel V aangebracht. Hij schonk de dijkwerkers drie dubbele ducaten voor drinkgeld. (bron: Baart, Westkapelle, p. 49)  

Odijkshoofd

Mogelijk genoemd naar Willem van Nassau, heer van Odijk, gecommitteerde van de Eerste Edele in de Staten van Zeeland (1668-1702) en van Walcheren (1668-1693).

 

Staket in 't Breestaket

   

Kruishoofd

Dit paalhoofd was gelegen op het noordeinde van de dijk, de plaats waar de stroming het sterkst was. In tegenstelling tot de andere paalhoofden bestond dit hoofd voor een deel uit zes rijen palen in de lengte en de nodige dwarsrijen. (bron: Van Gelderen, De Westkappelsche dijk, p. 25)  

Teindentwist

   

Nollenhoofd

   

Ronde Nollenhoofd

   

Noordwaartshoofd

Lange tijd het laatste hoofd van de Westkappelse zeedijk.

 

Clijvershoofd

Genoemd naar Pieter Jacob de Clijver, gecommitteerde van de Brede Geërfden namens Vlissingen in de Westwatering (1783-1807).  

 

   

Noorderstrand

   

Souvereinenhoofd

Aangelegd in 1708. Oppercommies Abraham Dingmans vroeg zich in 1792 af of dit hoofd een souverein middel tegen het kwaad (de afname van het strand) was of dat het door een souverein was gemaakt.

 

Matthiashoofd

Aangelegd in 1712, mogelijk genoemd naar Johan Constantijn Matthias(sen), later, van 1724 tot 1742, Staat namens Middelburg.  

Paspoortshoofd

In 1734 aangelegd als een staket tussen het Matthiashoofd en het Aagtekerkeshoofd, omdat de afstand tussen deze twee hoofden te groot bleek. In 1738 omgevormd tot paalhoofd. Mogelijk genoemd naar Pieter Reaal Paspoort, gecommitteerde van de Brede Geërfden namens Middelburg in de Zuidwatering (1724-1726). Op de kaart van Hattinga Nieuw Nollenhoofd genoemd.  

Huyssen van Kattendijkehoofd

Het is niet duidelijk welke persoon hier vernoemd is.

 

Aagtekerkeshoofd

Aangelegd in 1716 en genoemd naar Hendrik Velters, heer van Aagtekerke, gecommitteerde van de Brede Geërfden namens Middelburg in de Vijf Ambachten (1711-1732).

 

Perreshoofd

Genoemd naar Johan Adriaan van de Perre, gecommitteerde voor de Eerste Edele in de Staten van Zeeland (1768-1779) en die van Walcheren (1769-1777).  

Hoedekenskerkeshoofd

Een ouder hoofd, opgeruimd vóór 1737. De herkomst van de naam is onbekend.

 

Prinsessenhoofd

Aangelegd in 1765, genoemd naar de gemalin van prins stadhouder Willem V, Wilhelmina van Pruissen.

 

Poppekerkeshoofd

Was in 1784 al verdwenen. Ook wel Poppekerkesstaket genoemd, ter hoogte van Poppekerke.

 

Borsselenshoofd

Aangelegd in 1764, genoemd naar jhr. Jan van Borssele van der Hooge, gecommitteerde van de Eerste Edele in de Staten van Zeeland (1747-1764).

 

Prinsenhoofd

Aangelegd in 1766/67 en genoemd naar Prins Willem V, die vier maanden na zijn inhuldiging als erfstadhouder van de Verenigde Provinciën (8 maart 1766) een bezoek aan Walcheren bracht.  

Poppeshoofd

Aangelegd na 1791, mogelijk genoemd naar Krijn Poppe, gecommitteerde namens de Brede Geërfden van het platteland in de Oostwatering (1778-1812).  

Poushoofd

Aangelegd in de jaren 1771/72 en genoemd naar Bonifacius Mathias Pous, Staat namens Middelburg (1769-1788).  

Bijleveldshoofd

Genoemd naar Jan Bijleveld, gecommitteerde van de Brede Geërfden namens Veere in de Oostwatering (1768-1807).

 

De Vriendshoofd

Aangelegd in de jaren 1773/74 en genoemd naar Johannes de Vriend, gecommitteerde van de Brede Geërfden namens Veere in de Oostwatering (1754-1768).

 

Du Ponshoofd

Genoemd naar Robert Hendrik du Pon, gecommitteerde van de Brede Geërfden namens Vlissingen in de Westwatering (1782-1783).

 

De Bruynshoofd

Aangelegd in de jaren 1774/75 en genoemd naar Jacobus Johannes de Bruyn, gecommitteerde van de Brede Geërfden namens Middelburg in de Vijf Ambachten (1760-1798). Dit hoofd lag ter hoogte van het zogenaamde oude Domburgse zeegat.

 

Schorershoofd

Genoemd naar Johan Willem Schorer, Staat namens Middelburg van 1788 tot 1803, na die tijd president van Walcheren en verantwoordelijk voor de omvorming van het Walcherse polderbestuur tot een Centrale Directie.

 

Wilhelmiushoofd

Aangelegd omstreeks 1780 en genoemd naar Johannes Adriaens Wilhelmius de Cleverskerke, Staat namens Middelburg (1779).

 

Van Lyndenshoofd

Genoemd naar jhr. Willem Carel Hendrik, Baron van Lynden van Blitterswijk, gecommitteerde van de Eerste Edele in de Staten van Zeeland (1779 tot en met maart 1795).

 

Boddaertshoofd

Mogelijk genoemd naar Cornelis van der Helm Boddaert, Staat namens Middelburg (1765-1769).

 

Nebbenshoofd

Genoemd naar Bastiaan Nebbens de Cleverskerke, gecommitteerde van de Brede Geërfden namens de Zuidwatering (1793-1806).

 

Matthijssenshoofd

Genoemd naar Daniël Jacobus Matthijssen, Staat namens Vlissingen (1805-1807).